Skip to content

Het taal-circuit in groep 3

Het werken in een taal-circuit neemt even een beetje tijd in beslag, maar houdt voor ogen dat het verder op in het jaar tijd winst oplevert! Je werkt immers elke dag op een gestructureerde manier aan de basisvoorwaarde om tot lezen en schrijven te komen. Basisvoorwaarde die, volgens onderzoek, niet losgekoppeld mogen worden van de totale ontwikkeling van het kind.

Holistisch leren.

Om je een hart onder de riem te steken als je deze weg wilt gaan inslaan. Uit onderzoek is gebleken dat er een groter leereffect is als alle zintuigen tegelijkertijd bezig zijn én er tussen de linker en rechter hersenhelft zoveel mogelijk verbindingen worden gemaakt. Met ander woorden het belang van de holistische ontwikkeling en het holistisch leren staat ontegenstrijdig vast.

Toch blijkt uit de praktijk dat we het binnen het onderwijs (inclusief ikzelf voor een lange tijd) vaak moeilijk vinden om deze manier van aanbieden te integreren in onze roosters. Zeker als we kijken naar de midden-bovenbouw.

[vc_single_image image=”1749″]
[vc_single_image image=”1752″]

Nieuwe stromingen

Gelukkig voor ons is binnen de onderwijs sector meer en meer ruimte gekomen voor thematisch onderwijs en zijn er meer een meer methodeaanbieders die ons aan de hand nemen binnen deze manier van aanbieden. Denk hierbij vooral aan de methodes op het gebied van wereldoriëntatie, maar ook aan methodemakers die lezen en schrijven steeds vaker aan deze wereldoriëntatie thema’s koppelen.

Een mooie tussenstap

Zelf werkte ik lange tijd in het cluster 2 onderwijs, waarbij we in groep 3 werkte met de voor de hand liggende formele manier van lesaanbod op het gebied van leren lezen. Het informeel leren dat de kinderen tot dan toe in de kleuterklassen deden, werd rücksichtsloos losgekoppeld van het leren lezen en daar gingen we ….

Er ontstond bij mij een behoefte voor een tussenvorm. Vanuit mijn Remedial teaching achtergrond was ik immer op de hoogte van het belang van de zo gehete basisvoorwaarde om te lezen en schrijven te komen.

Uit diverse literatuur blijkt dat het zinvol is om letter aan te bieden via de 4 zintuigen (de ogen, de oren, de handen en het hele lijf) die bij het lezen betrokken zijn. Maar dan moeten deze zintuigen wel ‘optimaal’ functioneren. En zo ontstond de wens voor een mooie tussenvorm die aan deze behoefte voldeden.

[vc_single_image image=”1751″]
[vc_single_image image=”1748″]

Taal-stations

In mijn klas begon ik te werken met ‘taal’-stations. Stations die ingericht waren op het oefenen van de basisvoorwaarde om tot lezen te komen. Ze kregen een prominente rol op mijn rooster en het werkte! Wat een plezier beleefde we aan deze manier van werken én wat een opbrengst gerichtheid ontstond er als neven effect. Zowel in de fysieke ontwikkeling van de kinderen als in de uitkomst van de tussentijdse toetsen. Win-win 😊.

Organisatorisch

Deze stations markeer ik voor de kinderen. Zowel in de kasten waarin ik de materialen opberg als op de tafels waaraan we werken. Op deze wijze zijn de kinderen betrokken bij het proces.

Station 1 – oefen het visuele
Station 2 – oefen het auditieve (begeleid)
Station 3 – oefen het tactiele
Station 4 – oefen het proprioceptieve
Station 5 – letters in het spel (begeleid)

Hier vind je mijn download; taal-station treinen

Let op: Maak dit alles voor jezelf vooral niet te groots, voor jezelf en de kinderen wordt de structuur snel duidelijk. Daarnaast hoeven de stations niet persé veel ruimte in te nemen. Je werkt immers in en rond om het lichaam van (kleine) kinderen. Alleen het station – oefen je lichaam – vraagt ruimte.

[vc_single_image image=”1753″]
[vc_single_image image=”1750″]

In de praktijk

De eerste week is even flink doorpakken, maar daarna kun je vrij makkelijk werken aan een doorgaande lijn. Ik wissel slecht een station per ronde/ dag. Op deze wijze zijn de meeste onderdelen voor de kinderen helder en inzichtelijk. De kracht van herhaling werkt en geven juist een verdiepte werking.

Ik zorg altijd voor meerder zelfstandig werkstations. Houdt in je achterhoofd dat kleuters deze vaardigheid bezitten. In de kleuterklassen werkte ze immers ook veelvuldig in eigen mini-groepjes.

Daarnaast werk ik (na gelang het aantal handen in de klas) met een of twee begeleide stations. Dit betekend in de praktijk dat ik soms met 5 stations en soms met 4 stations werk. In mijn weekprogramma staan alle 5 de stations beschreven, zodat ik de ruimte hem om hiermee te schuiven.

[vc_single_image image=”1758″]
[vc_single_image image=”1757″]

Weekprogramma’s

Vierkeer per week werkte de kinderen in de taal-station-setting. Geen straf voor ons, omdat elke week er ruim voldoende verandering plaatsvond EN er ruim voldoende bekende activiteiten werden aangeboden.

Om jullie op weg te helpen heb ik in deze bundel voor de periode tot aan de herfstvakantie mijn weekroosters geplaats. Op deze wijze kun je bekendheid vergaren met de diverse basisvoorwaarde en het mogelijke aanbod hierbinnen.
Bij elk rooster neem ik een video op met daarin een verdieping op de basisvaardigheden en het belang van de aangeboden oefeningen. Deze kun je terugvinden op mijn youtube kanaal. 

Heel veel plezier met deze vorm van werken.
Liefs,
Tineke

 

Bron: 26 letters en dan …..

Gerelateerde boeken

Back To Top